
Om Iedereen die (nog) niet met deze nieuwe techniek bekend is, een idee te geven, zetten we hier de belangrijkste voor- en nadelen van de ssd op een rijtje.
Een ssd kan informatie veel sneller opslaan en ook weer uitlezen omdat er geen bewegende delen in zitten. Een traditionele harde schijf bestaat in feite uit een paar schijven, waar lees- en schrijfkoppen razendsnel overheen jakkeren om informatie te lezen of op te slaan. Een ssd bestaat uit een groot aantal geheugenchips (net als in een usb-geheugenstick), die worden aangestuurd door een controller. Er schieten geen lees- en schrijfkoppen heen en weer, alleen elektrische pulsen. Dat gaat niet alleen supersnel, er kan ook niets aan ‘stuk’ gaan. Een ssd is ook veel sneller dan een usb-stick. De verklaring daarvoor is simpel: een ssd kan data tegelijk wegschrijven naar meerdere geheugenchips. Daardoor worden schrijfsnelheden bereikt van 275 MB/s en leessnelheden van ruim 285 MB/s bij SATA2 en bij SATA3 is dit 550/500. En daar kan geen harde schijf aan tippen.
Een moderne harde schijf maakt al snel ruim 5000 toeren per minuut. De motor die dat voor elkaar bokst, geeft warmte af. Bij een ssd schieten wat elektrische pulsen heen en weer, maar daarbij komt amper warmte vrij. Met andere woorden: door een ssd blijft uw pc koeler waardoor hij ook minder koeling nodig heeft.
Veel harde schijven zijn lawaaiig. Dat komt vooral door het enorm hoge toerental waarmee ze draaien en door de lees-/schrijfkoppen die supersnel heen en weer schieten. Een ssd kent geen bewegende delen en is daardoor van zichzelf muisstil. Doordat hij ook minder warmte produceert dan een traditionele harde schijf, kan een pc met alleen een ssd toe met minder koeling.
Een ssd verbruikt aanzienlijk minder stroom. Da’s niet alleen prettig voor het milieu, ook voor notebookgebruikers is dat winst. In vergelijking met een gewone harde schijf, kan een notebook met een ssd tot wel een uur langer werken op dezelfde acculading.
Ssd’s halen het qua capaciteit (nog) niet bij gewone harde schijf. Bij de laatste is 1 a 2 terabyte op dit moment al heel gewoon, de meeste ssd’s van dit moment zijn zo’ 60 tot 120 GB. Om die reden worden ze in een desktop-pc nogal eens geplaatst naast een gewone harde schijf. Op de ssd komen dan het besturingssysteem en allerlei programma’s terwijl de harde schijf wordt gebruikt om data (zoals films, foto’s, muziek) op te slaan.
Een van de belangrijkste onderdelen van een ssd is de controller. Die verzorgt het schrijven van data naar de geheugenchips en houdt meteen bij welke gegevens waar zijn weggeschreven. Dat laatste is niet alleen belangrijk om de data ook te kunnen terugvinden, maar ook voor de levensduur van de ssd. Flashgeheugen kan maar een beperkt aantal keren worden beschreven. Gelukkig is dat bij moderne chips tien- tot zelfs honderdduizend keer, maar dan nog is het zaak dat niet de ene chip steeds meer waar wordt beschreven en de andere juist helemaal niet. Aan de controller de taak om de belasting van individuele chips evenwichtig te verdelen. Over de levensduur van ssd’s valt nog niet echt iets te zeggen, omdat ze in feite pas een jaar of twee voorhanden zijn voor de doorsnee consument. Deskundigen gaan er echter van uit dat de ssd – dankzij de verbeteringen in de techniek – een flink langere levensduur hebben dan een harde schijf.